Blog Archives

#Momlife, Persoonlijk, Uitgelicht,

Moeder zijn

Sophie is inmiddels al 16(!) maanden en ik moet toch wel eerlijk bekennen dat het moeder zijn me – tot nu toe – prima bevalt, iets wat ik echt niet had verwacht. Sterker nog; dankzij alle hormonen en het babynieuws van de afgelopen maanden heb ik er zelfs aan zitten denken om voor een broertje of zusje te gaan, maar ik twijfel nog. šŸ˜‰

De eerste week

De eerste week na de bevalling kon ik mezelf wel voor m’n kop slaan: waar the fuck was ik aan begonnen? Wat moest ik nou met dit kind? Kon iemand zoals ik, iemand met het geduld van een aangebrande visstick, wel een goede moeder zijn? Was ik hier wel voor gemaakt? Sophie huilde helemaal niet veel en was een uiterst tevreden baby, maar als ze een keer huilde dan zat ik na 3 seconden al tegen het plafond. “Hou alsjeblieft op.”

In de kraamweek heb ik wel met Sophie geknuffeld, maar achteraf gezien niet zoveel als ik zou willen – of zou ‘moeten’. Daar voel ik me best nog wel eens schuldig over. Ook vraag ik me af waarom ik op sommige momenten geen behoefte had aan contact met mijn baby. Had ik een (lichte) vorm van PND? Of hoort het er stiekem gewoon bij, maar lult niemand erover? Ik heb geen idee.

Verandering

Ik moest heel erg wennen aan de verandering. Opeens geen baby meer in mijn buik, maar in de box. Een baby die huilt, iets waar ik – toen – slecht tegen kon. Niet echt handig als je mama bent, I know. Behalve het gehuil vond ik het ook lastig om geleefd te worden. Ik leefde van luier naar flesje, van flesje naar slaapje en van slaapje naar luier. Ergens tussenin soms ook nog een badje en, o ja, ook nog kraamvisite… Die verschrikkelijke kraamvisite. Bij een 2de blijft mijn voordeur dicht, dat vertel ik je alvast. Ik stuur wel een foto, ofzo.

Maar hoe ik in het begin op bepaalde momenten geen behoefte had aan contact met mijn kind, des te groter is die drang nu. Ik ben het liefst heel de dag bij haar. Samen spelen, leuke dingen doen. Ik geniet nu echt van het moeder zijn en ben super trots dat dat lieve kleine murpje mijn dochtertje is.

Eenzaam

Maar het moeder zijn brengt ook eenzaamheid met zich mee. Sinds ik moeder ben, heb ik veel minder vrienden. Tijdens de zwangerschap zag ik diverse vriendschappen al verwateren en dat werd na de bevalling alleen maar erger. Ik vind dit niet heel erg, want nu weet ik wel wie mijn echte vrienden zijn, maar het maakt me dus wel eens eenzaam. Ik probeer minimaal 1 keer in de 2 weken af te spreken met mijn beste vriend, al is het maar ff chillen bij de grote gele M, maar dit is eigenlijk veel te weinig. Zeker gezien het feit dat ik voornamelijk vanuit huis werk en er niet heel veel momenten zijn waarop ik face2face een leuk gesprek heb met een volwassene. Ik kan dan ook niet wachten om vanaf volgende week Ć©Ć©n dag per week bij een bedrijf hier op het dorp aan de slag te gaan.

Dit betekent wel dat Sophie naar de opvang moet en dat is voor mij een hele grote stap. Tot nu toe nam Yannick vrij of kwam mijn opa een paar uurtjes oppassen. Vandaag is ze eventjes een dagje wennen bij het kinderdagverblijf en terwijl ik in mijn eentje terug naar huis liep rolden de tranen over m’n wangen. Ze hing bij het weggaan echt aan m’n been en wilde niet dat ik haar daar achterliet. Ik hoop met heel m’n hart dat ze een leuke dag heeft, anders weet ik niet of mijn moederhart het wel aankan om haar elke week weer opnieuw te moeten achterlaten. Ik ben benieuwd hoe mijn lezers dit (hebben) ervaren? Ervaringen en tips zijn welkom in de comments.

Moeder zijn

Long story short: ik vind moeder zijn leuk, maar ook een beetje eenzaam. Ik zou het, ondanks dat ik minder vrijheid heb, het allemaal voor geen goud willen missen. Overigens ben ik sinds mijn bevalling echt een weekdier geworden en kan ik nu echt niet meer zonder mijn kind, haha!

Het moeder zijn valt me al met al minder zwaar dan ik had verwacht. Hoe ervaar jij het ouderschap? Ik lees het graag hieronder. šŸ™‚ Reageren op Facebook of Instagram kan natuurlijk ook.

010 comments
#Momlife,

Horrortown

Nee, dit is geen slechte filmtitel. Ik ben afgelopen vrijdag voor het eerst naar een indoorspeelparadijs geweest. Ik had van diverse mensen al begrepen dat er maar twee mogelijkheden zijn: Je vindt het Ć³f fantastisch, Ć³f je wordt er gillend gek.

Indoorspeelparadijs

Omdat Sophie dol is op klimmen en klauteren dacht ik; laat ik het maar een keer proberen. Samen met een vriendin en haar dochtertje sprak ik af bij Monkeytown in Sliedrecht. Naast Monkeytown heb je in deze regio ook Ballorig en Lizz4kids, maar die laatste is pas vanaf 4 jaar en Ballorig is een stuk verder weg.

Zodra ik het gebouw binnenstap denk ik: wat doe ik hier. Het gegil en gekrijs komt me tegemoet en ik zie overal kinderen rennen. Achteraf hoorde ik dat het een rustige dag was. Eh, okĆ©. Terwijl ik naar binnen loop zie ik mijn buurvrouw. “Hey! Jij ook hier”. Ik knik iets te enthousiast. Het meisje achter de balie vraagt hoe oud Sophie is en nadat ik aangeef dat ze 10 maanden is mogen we gratis en voor niets naar binnen. Achteraf gezien is dat het lichtpuntje van de ochtend.

Ballenbak

M’n vriendin en ik zoeken een tafeltje bij het babygedeelteĀ en nog voordat ik Ć¼berhaupt mijn jas uit heb is haar dochtertje al verdwenen. Ik trek mijn jas en schoenen uit en doe bij Sophie hetzelfde. Vervolgens loop ik met haar het babygedeelte in waar we de buurkinderen tegen komen. “Hey, de buurvrouw!” hoor ik het buurmeisje keihard gillen. Ik zwaai en loop naar een hoekje in de ballenbak waar ik samen met Sophie rustig kan zitten. Sophie kijkt beduusd om zich heen. Ze vindt het – net als ik – veel te druk. Ik geef haar een bal. Nu ze een bal heeft is duidelijk in haar nopjes en speelt er rustig mee. Ik rol wat andere ballen haar kant op, maar die zijn niet interessant. Alleen de bal in haar handjes is leuk.

Dan komt er een ventje aan, ik schat hem een jaar of 3. Eerst wurmt hij zich in het hoekje waar wij zitten om achter Sophie te gaan staan, iets waar ik al licht geĆÆrriteerd van word. Vervolgens grijpt hij naar de bal in Sophie’s handen. Ik grijp meteen in en pak de bal vast: “Nee, deze is bal is van haar. Pak maar Ć©Ć©n van de andere 6000 ballen”. Het ventje kijkt mij beduusd aan, alsof er nog nooit iemand zo tegen hem gesproken heeft. Hij probeert het nog ik een keer. Ik word boos, hij druipt af. Ik vraag mezelf mompelend af of kinderen tegenwoordig Ć¼berhaupt nog worden opgevoed en op dat moment komt mijn vriendin aanlopen: “kom, we gaan naar de andere kant. Daar komen de ballen uit de lucht vallen, super leuk voor de kids”.

Ongeleide projectielen

Eenmaal aan de andere kant vindt Sophie het wat spannender. Het is daar een stuk drukker dan in de ballenbak en ik merk dat Sophie het niet fijn vindt dat andere kindjes zo dichtbij komen. De kinderen springen en rennen hier als een stel ongeleide projectielen rond en er staat zelfs een ventje tegen de ballen aan te schoppen. Wanneer er eentje rakelings langs Sophie haar hoofdje vliegt ben ik het zat en kijk om me heen. Waar zijn de ouders? Waarom wordt er hier totaal niet op de kinderen gelet? Ik besluit dat het tijd is dat wij weer aan het tafeltje gaan zitten, om te voorkomen dat ik uit mijn slof schiet.

Horrortown

We eten nog even wat – wat Sophie het hoogtepunt van de ochtend vindt – en vinden het daarna wel welletjes. Ondertussen staat er een kind bij de kluisjes met de deurtjes te gooien en ik hoor zijn oma zeggen “leuk he?”. Ik zucht. Ben ik nu zo streng of de ouders/begeleiders hier zo soft? Of snap ik kinderen gewoonweg niet? We pakken onze spullen en lopen richting de uitgang. Net op tijd, want er komt een groepje met 10 schreeuwende kinderen binnen. Als we naar buiten lopen voel ik een soort opluchting. We hebben het overleefd. Ik neem afscheid van m’n vriendin. “Was gezellig! Zie je snel weer”. Dat we elkaar weer snel zien is een feit, maar nooit meer bij Horrortown.

 

022 comments